Ontharden is veel meer dan een technische ingreep. Psychologische en morele factoren spelen een even belangrijke rol bij het vergroenen van een stad. Om beter te begrijpen waarom mensen al dan niet actie ondernemen, ondervroeg UGent ruim duizend inwoners van Vlaamse steden.
Met zijn 15,3% verharding is Vlaanderen een van de meest verharde regio's van Europa. De regionale doelstelling om elk jaar 1 m² verharding per persoon uit te breken, wordt nog lang niet gehaald. Om beter te begrijpen wat mensen motiveert of ontmoedigt om zowel privé als publiek actie te ondernemen, heeft Universiteit Gent 1.202 inwoners van Vlaamse centrumsteden ondervraagd. De resultaten moeten gemeenten en organisaties helpen om burgers beter te betrekken.
Wat houdt mensen tegen en wat zet hen in beweging?
Heel vaak houden praktische obstakels mensen tegen om te ontharden. Ze hebben onvoldoende tijd, ze weten niet precies hoeveel het zal kosten, er is onduidelijkheid over steun van de overheid en ze ervaren een gebrek aan persoonlijke begeleiding. Tegelijkertijd zijn mensen eerder geneigd om wél actie te ondernemen wanneer ze zich financieel comfortabel voelen en wanneer ze voldoende kennis hebben over planten en het praktische werk dat erbij komt kijken. Veel respondenten zijn onzeker over het feit of ze lichamelijk in staat zijn om de klus zelf uit te voeren.
Opvallend: burgers linken verharding vooral aan problemen die met het weer te maken hebben, zoals overstromingen en het hitte-eilandeffect in steden. Toch voelen ze zichzelf niet kwetsbaar voor deze risico's. Aan de andere kant associëren ze ontharding met voordelen zoals biodiversiteit en een diepere verbondenheid met de natuur. Dit zorgt voor een opmerkelijke mismatch: mensen zien verharding als een weerprobleem, maar ontharding vooral als een ecologische verbetering.
.jpg)
Groot draagvlak voor vergroening van publieke ruimte
Een van de meest positieve vaststellingen is het sterke draagvlak voor het vergroenen van openbare ruimtes. Of het nu gaat om parkeerstroken, rijstroken of voetpaden, burgers staan over het algemeen open voor een groene transformatie.
• Welke openbare ruimte moet vergroend worden? Hoewel het draagvlak voor alle soorten openbare ruimtes groot is, krijgt het verwijderen van rijstroken iets meer steun dan het versmallen van voetpaden of het wegnemen van parkeerplaatsen.
• Wie zijn de grootste voorstanders? Vrouwen, huishoudens zonder auto en gezinnen met kinderen tonen de hoogste acceptatie voor publieke vergroening, ongeacht het type ruimte. Dit hangt mogelijk samen met een grotere behoefte aan veilige buitenruimtes en minder afhankelijkheid van buitenparkeerplaatsen.
• Wat motiveert mensen? Het draagvlak voor publieke vergroening wordt vooral bepaald door psychologische factoren. Wie de gevolgen van verharding begrijpt en zich mee verantwoordelijk voelt voor het klimaat, is meer voorstander.
• Wat houdt mensen tegen? De kosten en de praktische uitvoering blijven de voornaamste drempels. Zelfs wanneer mensen enthousiast zijn over het idee van vergroening van de publieke ruimte, maken ze zich zorgen over het lawaai en de bouwoverlast.

Privétuinen: goede intenties, weinig actie
Hoewel een derde van de verharde oppervlakte in Vlaanderen privé-eigendom is, heeft meer dan 80% van de huiseigenaren geen concrete plannen om verharding te verwijderen. De stap van bewustwording naar actie blijkt moeilijk.
Het onderzoek identificeert drie paden die het beslissingsproces beïnvloeden:
• Het rationele pad: afwegen van voor- en nadelen. Mensen vormen hun houding door voordelen en nadelen tegen elkaar af te wegen. Een positieve houding ten opzichte van ontharding vergroot de kans op actie aanzienlijk. Daarnaast speelt sociale invloed een rol: als mensen denken dat vrienden en familie positief staan tegenover ontharding, zijn ze meer geneigd om het zelf ook te overwegen.
• Het morele pad: handelen vanuit verantwoordelijkheid. Mensen die veel om de natuur geven, zijn vaak bezorgd over de aantasting van het milieu. Deze bezorgdheid creëert een gevoel van persoonlijke verantwoordelijkheid en morele verplichting om iets te doen, zoals ontharden. Dit brengt echter ook een valkuil met zich mee. Het ontharden van een privétuin is een individuele actie met een milieueffect dat niet altijd zichtbaar of meetbaar is. Omdat de resultaten klein of onbeduidend kunnen aanvoelen, kan dit mensen ontmoedigen om actie te ondernemen.
• Het risicopad: angst is geen sterke motivator. Op angst gebaseerde argumenten, zoals kwetsbaarheid voor overstromingen of hittegolven, verhogen de intentie om te ontharden niet significant. Hoewel burgers de klimaatrisico's van verharding erkennen, voelen ze zich persoonlijk niet bedreigd. Bovendien koppelen ze ontharding meer aan biodiversiteit dan aan bescherming tegen extreem weer.
.jpg)
Wie is verantwoordelijk voor de vergroening van de stad?
Ongeveer de helft van de ondervraagde burgers vindt dat huiseigenaren verantwoordelijkheid moeten nemen voor de vergroening van hun eigendom. Dit standpunt is sterker aanwezig bij mensen die zich financieel comfortabel voelen, een positieve houding hebben ten opzichte van vergroening en een sterke morele verplichting voelen ten aanzien van het milieu.
Huishoudens zonder kinderen zijn ook vaker voorstander van dit idee. Dit komt mogelijk doordat zij meer tijd hebben om zich te richten op bredere maatschappelijke doelen en minder praktische zorgen hebben over buitenruimte.
Opvallend is dat mensen die van mening zijn dat verharding ernstige negatieve gevolgen heeft, meer voorstander zijn van burgerverantwoordelijkheid, maar wie zich zeer kwetsbaar voelt voor klimaatrisico's, staat hier minder achter. Mensen met een gevoel van kwetsbaarheid hebben mogelijks het idee dat ze een en ander niet zelf kunnen aanpakken, en verwachten dus sterkere overheidsmaatregelen.
.jpg)
Van inzicht naar actie: hoe kunnen we burgers betrekken?
Op basis van deze bevindingen kunnen gemeenten en vergroeningsprofessionals baat hebben bij het aanpassen van hun aanpak.
1. Sluit aan bij de leefsituatie van mensen: Hoewel demografische kenmerken moeilijk te veranderen zijn, kan communicatie worden afgestemd op belangrijke levensfases. Gezinnen met kinderen en een auto reageren mogelijk op andere argumenten dan alleenstaanden zonder auto als het over publieke ontharding gaat. Voor gezinnen kan communicatie zich richten op veilige speelruimtes en het koelen van de achtertuin. Huishoudens in kleinere woningen zijn misschien eerder vatbaar voor onderhoudsarme beplanting die de straat meer als een verlengstuk van het huis laat aanvoelen.
2. Informeer om te versterken: Het verstrekken van duidelijke en toegankelijke informatie over de voordelen van ontharding kan het vertrouwen van burgers vergroten. Wanneer mensen begrijpen hoe hun daden bijdragen aan klimaatdoelen en het welzijn van de gemeenschap, zijn ze eerder geneigd om actie te ondernemen.
3. Vervang op angst gebaseerde boodschappen door een focus op voordelen: Het benadrukken van risico's zoals hitte en overstromingen motiveert niet effectief tot privé-actie. In plaats daarvan kunnen zichtbare en tastbare voordelen, zoals biodiversiteit, verhoogde levenskwaliteit en esthetische verbeteringen, de houding positief beïnvloeden.
4. Gebruik sociale voorbeelden: Positieve verhalen doen er toe. Het tonen van buren die succesvol hebben onthard, creëert een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid en inspireert anderen om hetzelfde te doen. Bovendien vergroot het zien van andermans succes ook het vertrouwen van mensen in hun eigen vermogen om actie te ondernemen.
5. Vereenvoudig het proces: De kloof tussen intentie en actie is vaak praktisch van aard. Het verlagen van de drempel kan een echt verschil maken door bijvoorbeeld:
- Stapsgewijze technische begeleiding
- Gemakkelijke toegang tot subsidies
- Praktische ondersteuning, zoals hulp bij het afvoeren van puin of een systeem voor het delen van gereedschap
Ontharding is niet alleen een technische uitdaging. Psychologische en morele factoren spelen een cruciale rol. Door te focussen op betrokkenheid van de hele gemeenschap, zichtbare voordelen en praktische ondersteuning kunnen gemeenten helpen goede intenties om te zetten in concrete actie. Zo vervangen we geleidelijk grijze vlaktes door groene ruimtes.
Lees het volledige rapport hier.
Voor meer informatie: contacteer emma.martens@ugent.be

.jpg)
